Eeuwig geloof in Joegoslavië

  • Datum 29-03-2017
  • Auteur
  • Deel dit artikel

I am not ashamed of my communist past

Het communisme was toch een verderfelijk totalitair systeem? De in Joegoslavië opgegroeide Sanja Mitrovic denkt er anders over. Onder meer met vijftig filmfragmenten brengt ze met de voorstelling I am not ashamed of my communist past een hommage aan het verdwenen Joegoslavië. Een lang interview.

Hoe zag je opvoeding in Joegoslavië eruit? "Ik denk dat ik een relatief gewone kindertijd had, niet anders dan die van de meeste kinderen die ik kende. Mijn opvoeding was communistisch, geworteld in ideeën over broederschap, eenheid, sociale rechtvaardigheid en gelijkheid. Een idealistische wereldvisie, zeker, maar ook waardig. Het moedigde vriendelijkheid aan en ambitie om het beste uit jezelf te halen en bevorderde een sterk gemeenschapsgevoel. Mijn moeder was lerares op een middelbare school en mijn vader ingenieur. Als kind van intellectuelen voelde ik dat ik deze waarden voorbeeldiger moest vertegenwoordigen dan andere kinderen.

"In de jaren negentig, en soms zelfs nog nu, werd dit soort opvoeding bekritiseerd en zelfs geridiculiseerd als te ideologisch en schadelijk. Ik heb nooit begrepen waarom een eerlijk geloof in zulke vooruitstrevende idealen schadelijk zou zijn, iets waar je je voor zou moeten schamen. Het was een geloof dat gedeeld werd door de meerderheid van de bevolking, door gewone mensen die de maatschappij vormden, maar niet helemaal, zoals zou blijken, door degenen die regeerden."

"Plotseling, vrijwel van het ene op het andere moment, werd dit geloof opzij geschoven. De complexiteit van herinneringen en trouw in een situatie van zo’n historische dramatische omkering is een van de brandpunten in mijn werk. Voor mij is de cruciale vraag hoe met bepaalde waarden opgevoede mensen omgaan met een gewelddadige verandering. Hoe beleven zij politiek en existentieel dat alles waarin zij geloofden zijn waarde verliest? Dat alles wat met gezamenlijke kracht is opgebouwd in een ruïne verandert? Wat leren we de generaties na ons? Welke kennis dragen we over? Ik geloof dat het idee van Joegoslavië kan overleven door overdracht en instandhouding van de waarden waarop het was gebaseerd. Ik bedoel daarmee de collectieve geest en een staat die solidariteit en sociale rechtvaardigheid aanmoedigde. Als moeder van een zoon die niet in Joegoslavië heeft geleefd, probeer ik in hem liefde voor zulke waarden te ontwikkelen. Het zijn waarden waar ik tot op de dag van vandaag achter sta."

Waarom liet je in 2001 Servië achter je om in Nederland te gaan wonen? "Op de één of andere manier wist ik altijd al dat ik er niet zou blijven. Al op de basisschool droomde ik van landen die ik zou gaan bezoeken en waarin ik ooit zou leven. Ik wilde de wereld zien, mensen ontmoeten, verschillende culturen en talen ervaren. De stad Zrenjanin was mijn thuis, de plaats waar ik me veilig voelde, maar ik wilde nieuwe avonturen beleven en wachtte op het moment om dat te gaan doen."

"Als kind oogde het eenvoudig: ik zou vertrekken als ik groot was. Maar later werd het veel gecompliceerder. Door de oorlogen in de vroege jaren negentig en de onrust in Servië, de studentenprotesten, veranderden mijn tienerdagdromen in serieuze overwegingen. De dag na het vallen van de eerste NATO-bommen in 1999 verliet mijn toenmalige beste vriend het land voorgoed. Ik wist dat ik niet veel langer in angst en onderdrukking, in een constante staat van crisis, zou kunnen leven, maar ik was nog niet klaar om te vertrekken. Ik voelde dat ik mijn leven in Servië moest afmaken. Het goede moment kwam een jaar nadat Milosevic in 2000 het veld ruimde en mijn vader overleed. Symbolisch voelde ik dat een hoofdstuk in mijn leven was afgesloten en dat het tijd was om verder te gaan. Ik denk dat het de juiste beslissing was om te vertrekken."

I am not ashamed of my communist past kondig je aan als de rehabilitatie van een ideaal: het in solidariteit en vrede samenleven van mensen met een verschillende achtergrond en religie. Is die visie niet nostalgisch en romantisch gekleurd? "Mijn voorstelling keert zich ondubbelzinnig tegen historisch revisionisme van ons socialistische verleden. Het verleden is een fictie, gebroken door het prisma van persoonlijke en collectieve herinneringen, en gefilterd door politieke rituelen, ideologische narratieven en representatiesystemen. Ik ben geboren in een land dat niet meer bestaat. En wat niet meer bestaat kan makkelijk het domein van de fictie binnentreden. Dat is het gevaar van het revisionisme. Levend in West-Europa hoor ik vaak dat de Joegoslavische socialistische maatschappij een totalitair systeem was, vergelijkbaar met de Sovjet Unie. In deze visie wordt Joegoslavië afgeschilderd als een land dat werd geleid door een welwillende dictator, die blindelings werd gevolgd door de bevolking. Deze dictator  was voorzichtig in de omgang met internationale partners, maar meedogenloos tegen interne oppositie."

"Deze opvatting is simplistisch en onjuist. Bewust of onbewust verzwijgt hij de vooruitstrevende prestaties van het socialisme. De ervaringen van gewone mensen verschillen  van deze versie van de geschiedenis. Met ons project willen we de opvatting dat het waardesysteem waarin wij opgroeiden totalitair was, opnieuw te bekijken. De gedachte dat Joegoslavië een totalitaire maatschappij was, staat in dienst van de verandering van de socialistische maatschappij naar het neoliberalisme. Het gaat om een cruciale verandering van waarden: van broederschap en eenheid, saamhorigheid en solidariteit naar egoïsme en individualisme. Waren die waarden een romantische illusie? Of zijn ze nog steeds relevant? Ik vind van wel, zelfs meer dan ooit. De revisionistische, door ongebreideld kapitalisme afgedwongen narratieven dienen als excuus om niet te hoeven nadenken over de mogelijkheden van een andere sociale organisatie. Ze trekken een sluier over de ontelbare menselijke offers en verwoesting die het nieuwe systeem heeft gebracht."

Wat betekent Tito voor jou? "Waarvoor Tito stond toen ik kind was en wat hij nu voor mij representeert, zijn verschillende zaken. Op school was Tito alles: de grootste held, de vriendelijkste kameraad, de wijste leider. In een van mijn eerdere voorstellingen, die Will You Ever Be Happy Again? heette, zit een scène met een schoolboek, waarin Tito’s naam geschreven staat in een bomengroep in een landschap. De implicatie was dat Tito overal was, onlosmakelijk verbonden met alle aspecten van ons leven, inclusief de natuur. Zijn verjaardag op 25 mei was een nationale feestdag, de Dag van de Jongeren, waarop we liederen zongen, oorlogsmonumenten bezochten, veldslagen herdachten en vierden, en massaal in grootse opvoeringen de prestaties van onze socialistische maatschappij vierden. In die tijd was Tito altijd met ons. Op school hield hij me in het klaslokaal vanaf de muur boven het schoolbord  altijd in de gaten. Later veranderde mijn perceptie van Tito van blind onkritisch in besef van zijn rol als historische figuur in een specifieke historische context, met positieve en negatieve kanten. Nu, in deze tijd, betekent Tito voor mij lange discussies met mensen in andere landen over ‘goed’ en ‘slecht’ communisme, over waar heldendom stopt en totalitarisme begint, en of er zoiets bestaat als een ‘vriendelijke’ dictatuur."

In I am not ashamed of my communist past zitten ruim vijftig fragmenten uit Joegoslavische films. Waar heb je die gevonden? "Het vinden van films, ze bekijken en het selecteren van scènes die in het concept passen, was ingewikkeld. De meeste filmbedrijven die Joegoslavische films hebben geproduceerd zijn al lang verdwenen en de status van hun archieven en de eigendomsrechten zijn vaak onduidelijk. We werkten samen met de Joegoslavische Cinematheek en het Instituut voor Film. Beide waren zeer behulpzaam en deelden hun kennis, expertise en contacten met ons. Vaak leidde een adres of een contact naar een volgende plek of informatie. Soms voelde de zoektocht als een detectiveverhaal. We spraken ook met regisseurs, onder wie Goran Markovic. Het praten met de mensen die de films hebben gemaakt die wij gebruiken, was belangrijk voor mij."

"Veel films waren commercieel beschikbaar, maar niet ondertiteld in Engels. Engelse ondertiteling was cruciaal, omdat ik de Joegoslavische cinema dichter bij een internationaal publiek wil brengen. We gebruiken de ondertitels niet als een geïsoleerd element, maar als een integraal onderdeel van het beeld. Het publiek ziet niet alleen de ondertiteling, maar ook de zinnen van de performers geprojecteerd. Dat creëert een nieuw betekenisniveau, een nieuwe ‘lezing’ van scènes. Technisch was het een grote uitdaging, omdat deze twee langen onafhankelijk van elkaar zijn, maar wel gelijktijdig zichtbaar moeten zijn."

"In het dramaturgische proces realiseerden we ons dat het belangrijk was om niet alleen te praten over de filmindustrie, maar over de industrie in het algemeen. We hebben in onze geboortestad en in andere ooit machtige en bedrijvige steden de overblijfselen gefilmd van industriële bedrijven en verwaarloosde en verlaten bioscopen. Dit documentaire materiaal verschijnt in het laatste deel van de voorstelling."

"Terwijl we werkten aan de voorstelling werd Avala Film, één van de eerste en grootste filmstudio’s in Joegoslavië, onder onduidelijke omstandigheden voor een fractie van de waarde verkocht. Het betrof de grond, de gebouwen en de volledige catalogus. Het geval Avala Film gebruiken we als een symbolisch kader voor het verhaal van onze levens en de gevolgen van de transformatie van een socialistisch in een neoliberaal systeem. Het is algemeen bekend dat de Servische overheid geen potentie ziet in de filmindustrie. Maar ik klaag niet over het lot van de cinema in een situatie waarin miljoenen mensen nauwelijks overleven in de nieuwe politieke en economische omstandigheden. Het geval Avala Film, en dat van de Joegoslavische cinema als geheel, staan voor de vernietiging van de infrastructuur van alle productieterreinen, de vervreemding van sociaal eigendom, het uit elkaar trekken van gemeenschappen, en de devaluatie van de positieve prestaties van het socialisme."

Wat wil je dat we als publiek leren van I am not ashamed of my communist past? "Ik zou het fijn vinden als het publiek naar huis gaat met een beter begrip van collectiviteit en eenheid. En met angst en verdriet over het grote verlies ervan, want die waarden bestaan niet meer. Hopelijk is er ook een positief aspect: de kans om na te denken over wat we moeten doen om zulke waarden te herstellen. Over wat voor samenleving we willen. Dat is ontzettend belangrijk in het huidige giftige, verdeeldheid zoekende, alarmerend regressieve politieke klimaat."

De voorstelling speel je samen met Vladimir Aleksic. Hoe groot is zijn bijdrage aan de productie? "De voorstelling komt voort uit de wens van Vladimir en van mij om samen te werken. We zien dat ook als een kans om onze privélevens opnieuw met elkaar te verbinden na zoveel jaren van scheiding. De tekst is volledig gebaseerd op onze persoonlijke verhalen en herinneringen. Ieder van ons heeft materiaal ingebracht om te delen. De dramaturgen Jorge Palinhos en Olga Dimitrijevic hebben het in diverse vormen samengesmolten. We werkten onder mijn leiding, maar op veel niveaus was sprake van samenwerking."

Jos van der Burg

I am not ashamed of my communist past is alleen te zien op donderdag 30 maart, 20.30 uur in Frascati in Amsterdam.