Cannes 2014: Onverwachte double bills

  • Datum 19-05-2014
  • Auteur
  • Deel dit artikel

Jauja

Halverwege het festival gaan de films met elkaar in dialoog. Een aantal opvallende en onverwachte double bills.

Kostuumfilms
Jessica Hausner (Lourdes) en Lisandro Alonso (Liverpool) maakten allebei een kostuumfilm. Natuurlijk. Mike Leigh maakte ook een kostuumfilm, daarover zo meer. Maar Amour fou en Jauja hebben meer gemeen dan hun historische setting. Hausner liet zich inspireren door het zelfmoordpact van dichter Heinrich von Kleist en Henriette Vogel. Alonso werkte samen met dichter Fabian Casas aan een verhaal over het aardse paradijs ‘Jauja’, wat men voor eeuwen heeft gezocht, maar nooit gevonden, omdat iedereen die ernaar op zoek ging onderweg verdwaald raakte. Viggo Mortensen speelt de Deense gelukszoeker Dinessen die zich met zijn veertienjarige dochter Inge heeft aangesloten bij de Spaanse infanterie die zich door Latijns-Amerika beweegt. De kostuums doen vaag negentiende-eeuws aan, maar de film is nergens exact in tijd en plaats gelokaliseerd (en aan het einde van de film zal blijken waarom).
Hausners film is wat academischer dan die van Alonso, die een mythisch verleden schept waar tijdreizigers en schimmen vrijelijk van de ene werkelijkheid naar de andere kunnen bewegen. "What is it that makes a life function and move forward", is een zin die tegen het einde van de film twee keer wordt herhaald. En die vraag is net zo goed op Hausners films van toepassing kan zijn. Liefde is soms het antwoord. Verbeelding het andere. Bij Alonso is het ook de raadselachtigheid van de beweging zelf. Het merendeel van de film bestaat uit de zoektocht van Dinessen naar zijn dochter. Maar zoals in elke road movie — hier te paard, en later te voet — worden aanleiding en doel halverwege vergeten voor het ‘gotta keep moving gotta keep moving’ van de blueszanger die met een ‘helhound on their trail’ voortgestuwd worden door de rusteloze zoektocht naar de betekenis van het leven zelf.

Amour fou
‘You killed my dog’
Een van de tijdreizigers uit Lisandro Alonso’s Jauja is een hond. Er wordt een hond doodgeschoten in David Cronenbergs Maps to the Stars. En in White God van Kornél Mundruczó spelen honden de hoofdrol.

Turner
Wat Mike Leigh niet lukt in Mr. Turner — uitstijgen boven de historische biopic, in dit geval van de Engelse negentiende-eeuwse schilder William Turner, en zijn schilderijen tot leven laten komen — lukte Frederich Wiseman in twee kleine scènes in zijn National Gallery wel. De film van de documentaireveteraan speelt zich zoals de titel al aangeeft af in de zalen en gangen van de Londense National Gallery, waar ook diverse Turners hangen. De belangrijkste insteek van de film — en de kwestie die ook achter de schermen van het museum speelt — is hoe je kunst communiceert met je publiek. Wat zijn we, vraagt men zich aan vergadertafels af, een toeristische attractie (prachtige beelden van slapende toeristen die het museum gebruiken als plek om even bij te komen van de hectiek van de stad) of een plek voor conservering, presentatie, educatie? Vragen die zich elke dag weer in alle musea overal ter wereld zouden moeten opdringen. The National Gallery heeft een geweldig educatief programma, voor schoolkinderen, volwassenen, en zelfs voor blinden. En vooral een uitgebreide staf van enthousiaste verhalenvertellers. Veel tijd wordt ingeruimd om die curatoren en gidsen aan het woord en werk te zien. Een van hen vertelt dat je op Turners schilderij ‘Dido building Carthage’ (1815), de val van het keizerrijk weerspiegeld ziet in de manier waarop de zon in het water zakt. Een ander legt aan een schoolklas uit waarom kunst geen wiskunde is: bij wiskunde is er uiteindelijk maar een juist antwoord, bij kunst zijn uiteindelijk alle antwoorden juist.

Mr. Turner

Hollywood Boulevard
Halverwege het festival komt ook openingsfilm Grace of Monaco nog eens in een ander licht te staan, dankzij… David Cronenbergs Maps to the Stars. En als straks op de laatste dag Sils Maria van Olivier Assayas vertoond zal zijn, dan zou dat best nog een staaltje slim programmeren kunnen blijken. Eerst hebben we een ster die een ster speelt (Kidman als Grace), dan een film waarin een van de verhaallijntjes zich afspeelt rondom een actrice die een remake wil maken van de cultfilm waarin haar incestueuze moeder doorbrak. En Assaysas belooft een moderne All About Eve te worden: waarin Juliette Binoche een oudere actrice speelt die repeteert voor het stuk dat haar twintig jaar geleden beroemd maakte, maar nu voor de rol van de oudere vrouw, terwijl een jonge Hollywood intrigante als het jonge meisje is gecast. In Cronenbergs film is dat hele film-over-film-gedoe en die spitsvondige Hollywood-satire alleen maar een rookgordijn voor een veel pijnlijker verhaal over de overdracht van trauma. Maar gedrieën geven de films ook een beeld van acteren als overdracht. En over de rollen die we zelf elke dag spelen.

Sils Maria

Dana Linssen