Xavier Giannoli over Marguerite

Onverwachte pracht

  • Datum 23-10-2015
  • Auteur
  • Deel dit artikel

Een operazangeres die vals zingt maar denkt dat ze over enorm veel talent beschikt, dat is het basisgegeven van Marguerite, de nieuwe film van Fransman Xavier Giannoli (Quand j’étais chanteur). "Leugens geven een verhaal dynamiek en vaart."

Door Boyd van Hoeij

Ik ontmoet Giannoli in zijn stamcafé op de Place Pigalle, een zelfs op vrijdagavond halflege tent die duidelijk betere tijden heeft gezien. De regisseur woont er om de hoek, in een appartement dat ook kort te zien is in Les 400 coups van Truffaut, zoals hij er al meteen uitflapt. Niet veel later laat hij me het begin van Bob le flambeur van Melville zien op YouTube. "Kijk, kijk dan!" roept Giannoli enthousiast, terwijl hij zijn telefoon voor het caféraam houdt, waarachter ook het plein te zien is. "Die apotheek zit daar nog steeds!"

Het moge duidelijk zijn: Giannoli ziet overal waar hij gaat cinema — en niet alleen films die al gedraaid zijn maar ook plaatsen of personages die hem zelf inspireren. Het bewijs: Aan de overkant van het plein zit een ordinair café-restaurant waar ook live gezongen wordt. De zanger die daar jarenlang werkte was de inspiratie voor Giannoli’s Quand j’étais chanteur uit 2006, met Gerard Depardieu in een van zijn mooiste recentere rollen als een uitgerangeerde ballroomzanger.

Het verhaal van Marguerite gaat ook over iemand die zingt, of tenminste, die dat probeert. Florence Foster Jenkins, een Amerikaanse van gegoede komaf, had absoluut geen talent maar organiseerde desalniettemin elk jaar een benefietconcert voor intimi bij haar thuis. Midden jaren veertig stapte ze uiteindelijk over van haar woonkamer en een publiek van bekenden naar een voor iedereen toegankelijk concert in Carnegie Hall, waardoor ze uiteindelijk met de waarheid werd geconfronteerd. En wederom een bewijs dat Giannoli overal films ziet: Hij hoorde het verhaal van Jenkins voor het eerst op de Franse radio in zijn keuken en was meteen geïntrigeerd. (Toevallig verfilmde Stephen Frears deze zomer hetzelfde verhaal met Meryl Streep in de hoofdrol.)

"Al mijn films zijn gebaseerd op echte mensen of waargebeurde verhalen, maar het biopic-genre is desniettemin niet aan mij uitbesteed," legt de regisseur uit (de film van Frears is dat wel). "Dan kun je beter een documentaire maken. Om dichter bij iemands emotionele waarheid te komen is een subjectief standpunt noodzakelijk. Het is mijn taak om de juiste fictieve invalshoek te vinden."

"Ik heb niet alleen een verhaalidee of personage nodig, maar ook een beeldenwereld; het basisgegeven moet ook visueel iets interessants oproepen," gaat hij verder. "Tijdens mijn research in New York en Parijs vond ik foto’s van operazangeressen uit de eerste decennia van de vorige eeuw, met heel theatrale kostuums en enorm overdreven poses. Dat was het moment dat ik Marguerite voor het eerst voor me zag en besloot het verhaal te situeren in de jaren twintig. Marguerite is een beetje een freak die iets grappigs, exotisch en tegelijkertijd ook iets monsterlijks heeft. Het contrast tussen de sublieme muziekstukken die ze uitkiest en de bijna groteske manier waarop ze die vertolkt is natuurlijk prachtig. Maar een zangeres die vals zingt blijft een statisch gegeven; een zangeres die niet kan zingen en die omringd wordt door mensen die haar dat niet durven te vertellen, dát is heel dynamisch. Leugens geven een verhaal dynamiek en vaart."

Als ik vraag of de film een buitenbeentje is omdat het zijn eerste historische film is, legt Giannoli uit dat hij qua verhaal bijna geen verschil ziet: "Als ik de critici moet geloven gaan mijn films vaak over hoe personages tegen zichzelf en elkaar liegen, omdat ze denken dat het daardoor makkelijker wordt om zich in een complexe wereld te handhaven. Het verhaal speelt zich nu af in een ander land en tijdperk, wat me veel meer vrijheid geeft. Maar ik moet onderstrepen dat ik misschien niet het hele verhaal vertel maar dat alles dat ik wél vertel absoluut waar is. Het gebruik van de camera is daarbij van levensbelang, omdat je met een camera gratie kunt vinden in plaatsen waar je die niet zou verwachten. Het is voor mij interessanter om een kind te filmen dat de afwas doet dan een kind dat door een zonovergoten korenveld rent, omdat het zoveel mooier is als je onverwacht ergens de schoonheid van ontdekt."

Het verhaal gaat over iemand die dacht dat ze kon zingen maar is in de tweede helft ook een relaas over een huwelijk in crisis. "Die dynamiek interesseert mij en ik heb die ook al eerder gebruikt in A l’origine, waar de leugens uiteindelijk ontdekt worden omdat de leugenaar verliefd wordt," aldus de regisseur. "Liefdesrelaties kunnen niet zonder een gezonde dosis eerlijkheid en daardoor zijn ze uitermate geschikt voor verhalen die over leugens gaan. En daarnaast was er nog iets anders dat hier meespeelde: iedere opera die ik ken gaat over de liefde, dus een verhaal over iemand die zich een operazangeres waant zonder dat ze zelf in een tragische liefdegeschiedenis verwikkeld is, dat kan natuurlijk niet."