Lichting 2014: Victoria Warmerdam over Gelukkig ben ik gelukkig

  • Datum 24-08-2014
  • Auteur
  • Deel dit artikel

Victoria Warmerdam

‘Ik hoor de dialogen en schrijf gewoon mee’

Deze zomer neemt de Filmkrant het jonge regietalent onder de loep. Wekelijks verschijnt een interview met een afgestudeerde regisseur uit de lichting van 2014. Er wordt een selectie gemaakt uit het werk van de Nederlandse Filmacademie, de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht en de Willem de Kooning Academie. Regisseur Victoria Warmerdam (HKU) over haar fictiefilm Gelukkig ben ik Gelukkig: "Eigenlijk werk ik volgens een formule: ik bedenk een bizarre werkelijkheid en neem een hoofdpersoon die daar niet in past."

In het absurdistische Gelukkig ben ik Gelukkig wordt iedereen op de voet gevolgd door een wettelijk verplichte, persoonlijke voice-over: een man in een overhemd met een beige mouwloze trui, die je doen en laten van opfleurend commentaar voorziet. Hoe kwam je bij dit idee? De onderliggende thematiek is de romantisering van de dagelijkse sleur via de sociale media. Ik merkte dat ik mijn eigen belevenissen langs de lat van succesverhalen op Facebook legde. Ondanks het besef dat iedereen zich online alleen van zijn beste kant laat zien, kreeg ik het gevoel dat mijn leven nooit goed genoeg was. Met dit uitgangspunt kon ik mijn oorspronkelijke idee handen en voeten geven. Wat als iedereen in zijn eigen film leeft, met zijn eigen figuranten, genre en soundtrack? Dat idee was te ambitieus voor een korte film, dus ik heb me beperkt tot alleen een eigen voice-over, die fysiek aanwezig is en je ervaringen mooier maakt dan ze zijn. Hij creëert een schijnbaar perfecte wereld, net zoals je dat zelf op Facebook doet.

Dat uit zich in de stilering van de realiteit. Door te stileren benadruk ik de kunstmatigheid van de wereld van de voice-overs. Alles is strak en nieuwbouw. De kleuren, veel lichtblauw en roze, maken het luchtig. Ik realiseerde me dat ik de geloofwaardigheid van de voice-overs ook uit de stilering moest halen. Ze kregen voor de herkenbaarheid hetzelfde uniform en het zijn allemaal mannen. Toch vind ik mijn film niet antifeministisch. De mannelijke personages zijn niet dominant en de voice-overs hebben een dienende rol. De hoofdpersoon is een sterke vrouw, die het heft in eigen hand neemt en uit die gebaande paden breekt.

Wil je verder met dit genre of ben je van plan nu juist iets anders uit te proberen? Wat zijn je plannen voor de toekomst? Ik vind dat het ‘echte leven’ al zwaar genoeg, dus ik voel niet zo de behoefte om zware films te maken. Voorlopig wil ik door met absurdistische tragikomedies. Je maakt een onderwerp met humor lichter, zonder het drama teniet te doen. In eerste instantie lach je en daarna zie je de treurigheid. Ik ben geboeid door de ongemakkelijkheid die daarmee gepaard gaat, omdat twee tegengestelde emoties zich tegelijkertijd aandienen. Daarom houd ik bijvoorbeeld zo van Matterhorn van Diederik Ebbinge, maar ook van het vroege werk van Lodewijk Crijns en Alex van Warmerdam. Bij Van Warmerdam worden de situaties gekker en gekker en uiteindelijk past alles toch in elkaar. Ik denk dat ik daar de overtreffende trap van maak, omdat bij mij de setting vanaf begin af aan al bizar is. Zo ben ik nu bezig met een script voor een korte film over een man die in een pinautomaat werkt. Zijn taak is om het geld en de bonnen door de gleuven heen te duwen, inclusief de bijbehorende geluiden.

Je noemt alleen Nederlandse namen. Heb je een voorliefde voor specifiek de Nederlandse absurdistische film? Meer dan dat ze Nederlands zijn, heeft het er mee te maken dat ik zelf schrijf en veel aandacht heb voor dialogen. Van Warmerdam is een meester in conversaties over banale onderwerpen. Zo is er een scène aan de ontbijttafel in Abel, waarin een machtsspelletje wordt gespeeld tussen vader en zoon. Op den duur gaat het over wie er nu wel of niet van garnalen bij het kerstontbijt houdt. Ze gáán maar door over die garnalen. Dat vind ik briljant. Door de lengte van het gesprek wordt het grappig. Sommige scenaristen zien een film voor zich tijdens het schrijven, maar ik begin bij de dialoog. Ik hoor de gesprekken en schrijf gewoon mee. Vaak weet ik ook niet waar het heen gaat. Meestal heb ik de acteurs al in mijn hoofd en hoor ik hun stemmen en manier van praten. Zo komt mijn hoofdpersonage Fockeline Ouwerkerk uit Rotterdam, maar je hoort dat felle Rotterdamse pas als ze speelt dat ze boos of dronken is. Daar speel ik op in.

Laura van Zuylen

Gelukkig ben ik Gelukkig is van 26 t/m 29 september te zien op het Nederlands Filmfestival in Utrecht.