IFFR-blog 4: Karrabing Film Collective

'De camera vertegenwoordigt ons collectieve oog'

Day in the Life

Sinds 2008 maakt Karrabing Film Collective activistische, geëngageerde en eclectische korte films, over de gevolgen van het koloniale tijdperk voor de originele bewoners van Australië. De groep heeft zo’n veertig leden, vrijwel allemaal afkomstig uit het Noordelijk Territorium. In films als Windjarrameru, The Stealing C*NT$ (2015) en The Mermaids, or Aiden in Wonder Land (2018) bekritiseren de filmmakers met messcherpe satire de witte onderdrukker. Gefilmd met smartphones ontstaat er een geprononceerd, authentiek perspectief op hun levens, waarin het verleden, het heden en de toekomst worden vermengd tot een esoterische droomstaat.

In Rotterdam gaat de nieuwste film van het gezelschap, Day in the Life, in première in het kader van het themaprogramma Synergetic, dat geheel draait om collecutief gemaakte cinema. De pregnante boodschap van Karrabing Film Collective over het preserveren van de cultuur van de oorspronkelijke bewoners van Australië klinkt in Day in the Life onverminderd door. We spreken met antropoloog Elizabeth Povinelli (die de films monteert, en het enige witte lid van het collectief is) en acteurs en gelegenheidscameramensen Aiden Sing, Angelina Lewis en Kieren Sing.

V.l.n.r. Aiden Sing, Angelina Lewis, Elizabeth Povinelli en Kieren Sing van het Karrabing Film Collective.

Jullie films hebben een unieke beeldtaal. Hoe is deze ontstaan? Povinelli: “We willen verschillende lagen aanbrengen in het verhaal: het verleden, het heden en de toekomst samenbrengen. We moesten een manier verzinnen waarop we de voorouders [van de andere groepsleden, red.] in de films konden integreren.”

De parallelle werelden in de films zijn dus eigenlijk één wereld. Kieren Sing: “Er zijn geen verschillende tijden, er is één tijd.”
Aiden Sing: “In het heden dragen we onze voorouders met ons mee.”
Lewis: “Vandaag, gisteren en morgen.”
KS: “Als je geboren wordt, dan zit het al in je.”

Wanneer jullie in de films verwijzen naar het verleden, voelt het dan ook alsof je ook het heden en de toekomst ziet. Voor een buitenstaander zoals ik helpt dit jullie concept van tijd te begrijpen. EP: “Voordat iets plaatsheeft, is het er al.”

Ik lees in besprekingen van jullie werk vaak de term ‘geïmproviseerd realisme’. Wat houdt dit in? AL: “Je pakt je smartphone en begint met het filmen van alles wat je ziet, willekeurige personen. Misschien zie je dan ineens iets wat weer in de film kan passen. Het gaat om het vastleggen van het moment. En als het niet bij het verhaal past, dan bewaar je de beelden voor een andere film.”

Zou je deze methode intuïtief kunnen noemen? Of spontaan? AS: “Onze film The Mermaids, or Aiden in Wonder Land speelt zich af in de toekomst. De wereld is verwoest door jaren van milieuvervuiling. Er zit een vuurscène in de film. Die kwam tot stand doordat we op een dag een bosbrand zagen: we pakten onze telefoons en begonnen spontaan te filmen.”

Waarom zijn de films eigenlijk allemaal zo’n dertig minuten lang? Ligt daar iets spiritueels aan ten grondslag? AS: “Dat is gewoon elke keer het eindresultaat.”
EP: “We weten niet waarom. Ooit was er sowieso geen klok. Dertig minuten? Vroegere mensen hadden we geen idee wat dit behelsde. Maar deze lengte voelt gewoon goed. Het hoort ook een beetje bij een oud spreekwoord onder de originele bewoners van Australië: ‘Het is wat het is’.”

In mijn ogen worden jullie films steeds origineler. Hoe werken jullie aan die eigenheid? AL: “In het begin hadden we een filmcrew.”
EP: “Dat was bij de opnames van de eerste twee films.”
AL: “Ze waren anders dan ons.”
EP: “Het ging er vooral om hoe zij het deden.”
AL: “Het waren aardige mensen, maar we waren afhankelijk van hun werkuren, hun schema.”
AS: “En we zijn ook nog een keer beroofd.”
EP: “Door een van hen.”
AL: “Het is nu veel flexibeler.”
AS: “Ja, minder stress.”
EP: “En over de cinematografie gesproken: iedereen kan zijn telefoon ter hand nemen. De cameralens vertegenwoordigt in die zin ons collectieve oog.”
AS: “We hebben geen regisseurs en geen bazen.”
EP: “Ik treed af en toe op als regisseur omdat ik degene ben die dan zegt: kom op, je wil het echt doen vandaag! Het is wat dat betreft een onvervalst collectief geworden, ten opzichte van de eerste films.”

Creëren vorm en inhoud voor jullie gevoel ook steeds meer een symbiose? EP: “De beelden en hun betekenis, evenals het geluid, vormen steeds meer een geheel. Soms moeten we ook de vorm veranderen om de onderliggende betekenis van de beelden beter voor het voetlicht te brengen.”

Het resultaat is in mijn ogen compromisloze cinema. EP: “We hoeven ons aan niemand te verantwoorden, behalve aan onszelf.”


Op het IFFR zijn in twee programma’s in totaal vijf korte films van het Karrabing Film Collective te zien. Op zaterdag 25 januari vindt in LantarenVenster 6 om 13:30 na de vertoning van Day in the Life een gesprek plaats met de vier leden van het collectief.