Freeze Frame #13

Illustratie Lae Schäfer

Regisseur Shady El-Hamus (De libi) brengt maandelijks een ode aan een bijzondere filmscène. Deze keer: een vicieuze cirkel van testosteron en geweld.

Caine groeit in de jaren negentig op in een achterbuurt van Los Angeles. Zoals veel jongeren om hem heen is hij van kleins af aan omringd door armoede, wapens en drugs. Als vijfjarige was hij al getuige van moord – in een flashback zien we hoe zijn vader vrienden over de vloer heeft, ruzie krijgt en vervolgens door een van de gasten dusdanig wordt beledigd dat hij die koelbloedig door het hoofd schiet. De jonge Caine kijkt vanachter zijn slaapkamerdeur toe hoe de man sterft op de huiskamervloer.

Menace II Society volgt de inmiddels achttienjarige Caine gedurende een warme zomer. Hij heeft zijn eindexamen gehaald en staat aan de voet van zijn volwassen leven. Op jonge leeftijd is hij beide ouders verloren en dus woont hij bij zijn opa en oma. Caine wil volop genieten van zijn vrijheid maar wordt constant aan zijn mouw getrokken door volwassenen die hem op het rechte pad proberen te houden. Caine wil er niks van weten, rukt zich los en raakt onder invloed van zijn beste vriend O-Dog verstrikt in een vicieuze cirkel van testosteron en geweld.

Pijnlijk goed laten de regisseurs, broers Albert en Allen Hughes, zien hoe moeilijk het is om heersende ideeën te doorbreken en hoe kinderen altijd alles overnemen van de mensen tegen wie ze opkijken. Via de flashback aan het begin van de film zien we hoe de jonge Caine opgroeit met geweld en het vervolgens in zijn volwassen leven niet schuwt. Daarbij komt de giftige werking van mannelijk trots en ego – in een cultuur van toxic masculinity blijkt het makkelijk ontsporen, hoezeer je je hart ook op de juiste plek hebt. We leren Caine kennen als een intelligente jongen die de potentie heeft om zich te ontworstelen van alle negativiteit, maar hij is jong en gevoelig voor de mening van anderen en dus laat hij zich meevoeren een duistere tunnel in. Naar een plek waar je niet over je heen laat lopen, en waar een verkeerde blik van een vreemdeling al tot een schietpartij kan leiden. Want je laat je niet beledigen, heeft Caine altijd geleerd – je moet sterk zijn.

De geschiedenis herhaalt zich. Caine heeft een prille relatie met alleenstaande moeder Ronnie. Haar vijfjarige zoontje Anthony is als een zoon voor Caine en het jongetje kijkt enorm naar hem op. Op een feestje bij Ronnie thuis dringt een andere man zich aan haar op. Caine kan zich onder invloed van alcohol niet inhouden – trots en ego nemen het over en hij slaat de man volledig in elkaar. In een slowmotionshot zien we de chaos die volgt: Caine wordt door omstanders meegesleurd terwijl hij blijft schreeuwen en vechten. Op de achtergrond zien we hoe de kleine Anthony van achter zijn slaapkamerdeur staat te kijken naar de bloedende man in zijn woonkamer. Ronnie trekt hem snel de slaapkamer in, maar het is al te laat: het kind heeft alles gezien.

Overal ter wereld verliezen jonge mensen zich in een negatieve spiraal van geweld. Nog steeds groeien veel jongens op met een giftig idee van ‘mannelijke trots’, iets dat eindeloos veel leed veroorzaakt. We veroordelen het als we erover horen, spreken er schande van en sluiten jongens zelfs op. Maar waar het weinig over gaat is dat veel van die incidenten onderdeel zijn van een veel groter verhaal en dat het oplossen ervan begint met het doorbreken van bepaalde vastgeroeste ideeën over kracht, macht en trots.

Als tiener heb ik de film wel twintig keer gezien. Toen was ’ie vooral cool en had ik weinig oog voor de onderliggende thematiek, maar inmiddels zie ik een verontrustend sociologisch verhaal dat nog steeds pijnlijk actueel is.

Geschreven door Shady El-Hamus