IFFR: Nathaniel Dorsky
Beeldenstromen
PASTOURELLE
Zo fragiel dat ze bijna niet te vangen zijn, dat zijn de films van de Amerikaanse filmmaker Nathaniel Dorsky, wiens werk centraal staat op het IFFR. En alleen daar te zien. Live. Op en in het moment. Als de vertoning is afgelopen, gaan de films weer mee naar huis.
"De camera is een alchemistisch gereedschap", zegt Nathaniel Dorsky (1943) als hij het Weense Cafe Sperl binnenkomt. Een koffiehuis uit de begindagen van de cinema. Dorsky heeft zijn geliefde Bolex-camera onder zijn jas gestopt: "Ik dacht, dan herken je me meteen." Wie films van Nathaniel Dorsky wil zien, moet ver reizen, al is dat eind januari alleen maar zo ver als naar het Filmfestival Rotterdam. Dat vertoont bijna al zijn werk als onderdeel van het Focus-programma. Korte stille films. Beeldenstromen. Zijn films laten zich soms omschrijven als gedichten. Maar eigenlijk zijn het visuele muziekstukken, zegt hij, maar dan zonder geluid. "Van muziek begrijp je ook meteen waar het over gaat, zonder dat iemand je dat in woorden uitlegt."
Voor Dorsky zijn de films die hij maakt niet los te zien van de vertoning, "de vertoning is de film", zegt hij; vandaar dat ik, eind oktober 2010, in Wenen ben. Want digitaal is zijn werk niet verkrijgbaar. Dorsky is daar ook, voor lessen, en heeft zijn films met zich meegenomen. Later die middag zal hij er een aantal vertonen. Zelf achter de projector: "Hoor hoe ze spint als een kat". Hij draait de meeste van zijn stille 16mm films iets vertraagd, op 18 beeldjes per seconde, wat hij de ‘sacred speed’ noemt (ook wel ‘silent speed’ geheten: de snelheid waar veel stille films op moeten worden vertoond). "Als je een film op 18 beeldjes per seconde afdraait, tart je de soliditeit van het beeld. Het fluctueert meer." Dorsky is op zoek naar beelden die in flux zijn: veel wind en beweging, veel spiegelingen. Zo fragiel dat het bijna niet te vangen is.
Intuïtieve schoonheid
Dorsky’s ongewilde claim to fame is dat Sam Mendes zijn beroemde shot van een plastic zak die danst in de wind uit american beauty ontleend zou hebben aan diens variations (1992-1998). Maar het helpt wel om die film te noemen, want iedereen die van dat shot onder de indruk is geweest, zal ontdekkingen kunnen doen in het werk van Dorsky zelf.
Zelf denkt hij dat die plastic zak in american beauty overal vandaan gekomen kan zijn. "Het is een van de meest gebruikte shots in de experimentele film. Bijna een cliché. Ik heb zelf geaarzeld of ik moest gebruiken. Het is een bescheiden poging om de terloopse schoonheid van het moment te vangen. Ik geloof dat ze daar in die film een heel punt van maken. Dat interesseert me eigenlijk niet zo. Ik ben meer op zoek naar het intuïtief vinden van de schoonheid van een beeld."
En misschien wel niet eens naar schoonheid. Beelden zijn waardevrij in de films van Dorsky. Hij vertelt geen traditionele verhalen, maar hij is ook niet zoals de klassieke experimentele cinema op zoek naar het herdefiniëren van het materiaal of het medium. "Natuurlijk hebben ze een verhaal. Maar ze hebben geen verhaallijn en geen ster. De toeschouwer is de ster. Ik ben niet op zoek naar betekenis, maar naar betekenisvolheid. Dat vraagt om een open en avontuurlijke geest."
Dana Linssen
De films van Nathaniel Dorsky zijn tijdens het IFFR (meestal) dagelijks om 16.00u te zien in LantarenVenster 6. ‘Het uur van de vespers, het avondgebed’, mailt hij nog. ‘Dat is het juiste meditatieve moment, zeker in de winter als de zon ondergaat.’