Focus: Tati opnieuw te zien
Jacques Tati tegen de moderne wereld
Mon oncle
Jacques Tati (1907-1982) maakte slechts zes lange films in vijftig jaar. Maar zijn invloed is omgekeerd evenredig aan zijn kleine oeuvre. Wie zijn humorvolle, satirische blik op het moderne leven nog eens wil zien, moet deze zomer het landelijke retrospectief van zijn werk niet overslaan.
Ja, ja, de moderne tijd; Jacques Tati had het er niet op. Zijn door hemzelf belichaamde alter ego Monsieur Hulot scharrelt in regenjas en hoogwaterbroek, hoedje op het hoofd en pijp in de mond, als een verdwaald mensenexemplaar door een wereld die hij niet meer herkent. Moderne (keuken)apparaten, automatische deuren en met sensoren uitgeruste tuinfonteinen zorgen voor veel verwarring. Daarnaast is de onpersoonlijke moderne stadsarchitectuur Hulot een gruwel.
Hij mag een nostalgische zonderling zijn, maar met zijn vervreemding legt Tati de vinger op een gevoelige plek. Met een beetje moeite kunnen we Hulots (lees: Tati’s) afkeer van de moderne tijd interpreteren als kritiek op het wereldwijde kapitalisme.
Dat aspect zit meteen al in zijn speelfilmdebuut Jour de fête (1949). Dat een postbode in een Frans dorpje even snel en efficiënt wil werken als de Amerikaanse postbestellers over wie hij een film heeft gezien, leidt alleen maar tot problemen. De boodschap: alsjeblieft geen Amerikaanse toestanden in Frankrijk!
Met Les vacances de Monsieur Hulot (1953) voert Tati zijn alter ego Hulot voor het eerst op. Op vakantie in een badplaats zorgt de stoethaspel voor veel verwarring en chaos. In Mon oncle (1958) raakt hij het spoor bijster in een hypermodern huis. In Playtime (1967), gesitueerd in een ultramodern Parijs, raakt Hulot op drift in het chaotische stadsleven en ontregelt hij het samenzijn van een groep Amerikaanse toeristen in een restaurant. De voor die tijd extreem dure film, waarvoor Tati een complete stadswijk liet bouwen, flopte internationaal en doofde Tati’s glanzende carrière. Weliswaar maakte hij vijf jaar later Trafic, waar Bert Haanstra aan meewerkte, maar die film was geen groot succes. Daarna maakte Tati alleen nog de kleinschalige komedie Parade (1974) over een circusgezelschap. Een jammerlijk einde voor een van de grootste komische acteurs en regisseurs van de vorige eeuw.
Vanaf 30 juli 2026 zijn alle zes de films van Jacques Tati opnieuw te zien in diverse filmtheaters door het land.