Lichting 2026: Suzie Vermunt over Oh mijn lievelingen
‘Die collectiviteit van werken op een filmset sprak me enorm aan’
Oh mijn lievelingen
In aanloop naar de Studentencompetitie op het Nederlands Film Festival interviewt Filmkrant de hele zomer afgestudeerde filmtalenten van verschillende academies. Suzie Vermunt (St. Joost) onderzoekt met haar film Oh mijn lievelingen thema’s als eenzaamheid, vriendschap en sociale angst: “Vriendschappen tussen vrouwen kunnen heel diep gaan, maar zijn ook kwetsbaar.”
“Ik waardeer vrouwenvriendschappen heel erg, maar er komen zoveel verschillende emoties bij kijken,” zegt fotograaf en filmmaker Suzie Vermunt (2002). “Soms had ik last van eenzaamheid, sociale angst, jaloerse gevoelens of andere ‘slechte emoties’ binnen zo’n vriendengroep.” Ze bleek daarin niet de enige: “Ik merkte dat ook mijn vriendinnen dat wel eens hadden. Zou je dat kunnen verbeteren?”
Dat was het uitgangspunt voor Oh mijn lievelingen, Vermunts afstudeerfilm aan de St. Joost School of Art & Design. Het is een korte psychologische thriller over precies die gelaagdheid binnen vrouwenvriendschappen. Vier jonge vrouwen arriveren bij een huis ergens in de Biesbosch, als nieuwe antikraakbewoners. Waar Ava en haar opgetogen vriendinnen eerst een doodgewoon leegstaand pand aantreffen, gebeuren er al snel merkwaardige dingen, maar het lijkt alsof alleen Ava dit zich realiseert. De meiden dwalen door en rondom het huis en maken zich de plek eigen, maar gaandeweg komt Ava steeds verder van de groep af te staan.
Vermunt, die op St. Joost in Breda zowel fotografie als film studeerde, baseerde haar filmidee op de fotoserie Onrust in rust, die ze in 2023 al maakte in hetzelfde pand. Daar woont haar zus nog altijd antikraak. “Het is een mooi huis, maar ook een beetje creepy, met dat bloemetjesbehang, het beige tapijt, die stenen muren en de spinnenwebben. Het staat daar helemaal alleen, achter de dijk en met veel bloemen eromheen.” Het scenario schreef ze voornamelijk ter plaatse. “De gedachte was om lekker alleen in de natuur te zijn, ver weg van alles. Maar ik vond het eigenlijk helemaal niet zo fijn. Ik ben gewend aan alle prikkels van het stadse leven, de telefoon en mijn vrienden die dichtbij zijn. Maar je hoort daar helemaal niets en ik werd er best onzeker en een beetje angstig van. Dat kwam wel op me af.”
In haar film is die onderliggende angst en dat onwezenlijke gevoel zichtbaar, in Ava’s personage, de locatie en de merkwaardige elementen die in haar film verwerkt zijn: een enorme agaatslak, kunstgebitten in weckpotten en een diner met bizarre gelatinegerechten. Vermunt vertelt hoe deze elementen productioneel samenkwamen. Aan het huis zelf, zegt ze, hoefde ze weinig te veranderen. “Dat heeft al veel sfeer van zichzelf. Die agaatslak had ik al eens gefotografeerd voor een serie over jonge vrouwen met bijzondere huisdieren. Zo’n slak is een geweldig wezen dat bijna niet echt lijkt. Zo groot, heel traag en dromerig – bijna alienachtig. Het leek me een perfecte vorm om een soort grondtoon voor de film mee neer te zetten.” Over het eten had ze ook specifieke ideeën die ze samen met een vriendin uitwerkte. “Bijvoorbeeld een gelatinetaart met doperwten, sushi van schoenzolen en taarten met vissen erin. Het moest er redelijk oneetbaar uitzien, maar het hoofdpersonage moest het tegelijkertijd wel kunnen eten.”

Hoewel Vermunt in de loop der jaren werkte aan diverse fotoseries, zoals haar doorlopende Rokkenserie en Gen Z te paard (2025), maakte ze pas in haar laatste studiejaar een film. “Ik had een paar keer op sets gestaan en daar zag ik hoe bijzonder het is als een groep mensen aandachtig bezig is om samen zo’n verhaal neer te zetten. Die collectiviteit sprak me enorm aan. Ik ben overal blanco in gegaan en heb nog nooit zoveel geleerd in één jaar. Het bracht me heel veel, ook qua vriendschappen. Mensen met wie ik werkte herkenden zich best vaak in mijn scenario.”
Ze wist al vroeg dat ze een werkelijkheid wilde neerzetten waarin elementen zitten die je normaal niet ziet, maar alleen kunt voelen. “Dat wat er allemaal in je hoofd kan spelen heb ik tot in het extreme doorgevoerd. Ik ben qua fantasie helemaal los gegaan, met inspiratiebronnen als David Lynch of Yorgos Lanthimos in het achterhoofd.”
Niet het creatieve aspect vond ze het lastigst, maar de complexiteit van een film van de grond krijgen: “Onze productie was redelijk groot en met name camera en licht kostten veel geld. Ik wilde het perfect doen én op mijn manier. Die verantwoordelijkheid heb ik best als zwaar ervaren.” Met behulp van producenten die al ervaring hadden in afstudeerfilms, lukte dat toch goed. Vermunts project werd geselecteerd voor de 3LAB-afstudeerbijdrage en werd begeleid door de VPRO. Ze won een geldbedrag met de derde prijs van het Chassé Cultuurfonds en zette voor het resterende bedrag succesvol een crowdfunding-campagne op.
Ondanks alle onzekerheid en stress wil ze hierna zeker doorgaan met films maken. “Ik wil meer ideeën uitwerken rondom jonge vrouwen uit mijn generatie en hoe zij het leven in deze tijd ervaren. Ik denk dat ik daar bij een volgende productie zelfverzekerder in sta.”
Tijdens het Nederlands Film Festival (25 september t/m 2 oktober 2026) is een selectie van de afstudeerproducties van de Nederlandse film- en kunstacademies te zien.