I, Anna
Moord in Londen
Als je moeder Charlotte Rampling heet, kun je haar vragen of ze in je film wilt spelen. Het maakt I, Anna van de zoon van nog niet tot een geslaagde film noir.
Lastig als je kind bent van beroemde ouders. Bouw je op eigen kracht je leven op of gebruik je de kruiwagen? De in 1972 uit Charlotte Ramplings eerste huwelijk geboren Barnaby Southcombe koos met zijn speelfilmdebuut I, Anna voor het tweede. Als het resultaat een meesterlijke film was, zouden we niet aan kruiwagens hebben gedacht. Helaas, I, Anna valt nogal tegen, waardoor dit soort vervelende gedachten naar boven komt. Nog zo’n gedachte: zou I, Anna gemaakt zijn als Rampling er niet in speelde? Het ligt overigens niet aan de 67-jarige actrice en filmster dat I, Anna in de middelmaat blijft hangen, want zoals altijd gooit zij zich volledig in haar rol. Rampling speelt een net gescheiden vrouw, die om haar verdriet te dempen dating clubs bezoekt. Dat is een feit. Een ander feit is dat in een Londens appartement een man vermoord wordt aangetroffen. Is er verband tussen de twee feiten? Gabriel Byrne, die altijd oogt alsof zijn gezicht onder de deegroller heeft gelegen, mag het als rechercheur uitzoeken. Hij raakt gefascineerd en geobsedeerd door de vrouw en haar mysterieuze verleden (film noir!) en vergeet dat hij een moord moet oplossen. Als de kijker al lang begrijpt hoe de vork in de steel zit, tast hij nog in het duister. Met zulke rechercheurs is het een wonder dat er überhaupt nog wel eens een moord wordt opgelost. Nu we toch in detectivesfeer verkeren: wie graaft naar de oorzaak van de weinige indruk die de romanverfilming I, Anna maakt, vindt een clichématig scenario en een gebrekkige beeldtaal. Het ’s nachts door beslagen autoruiten en in spiegels filmen heette ooit sfeervol, maar is nu een afgetrapt cliché. En kan er een verbod komen op het duwen van een lege schommel in een speeltuin? Valt er dan niets goeds te melden over I, Anna. Jawel, naast alle clichés toont Southcombe, die ervaring heeft als regisseur van tv-series, Londen niet als de stad van het leuke toeristische weekendje, maar het Londen van unheimliche buitenwijken met enorme flats, waarin eenzaamheid en vervreemding voor het opscheppen liggen. Het Londen waarin het leed achter de voordeuren verborgen blijft tot er een lijk wordt gevonden. Dan komt er een rechercheur die denkt dat de wereld van Philip Marlowe nog bestaat.
Jos van der Burg