Spotlicht: Vanessa Redgrave

  • Datum 12-07-2017
  • Auteur
  • Deel dit artikel

Vanessa Redgrave in Mrs. Dalloway

In de serie rond acteurs, regisseurs of andere opvallende verschijningen in de filmwereld, deze maand: Vanessa Redgrave. Haar chique is gebleven, het rebelse is vervaagd.

‘De Garbo van de jaren zestig’ werd Vanessa Redgrave (1937) in het begin van haar carrière genoemd, in de periode rond haar optreden als de koele ‘swinger’ Jane in Antonioni’s Blow up. Net als Garbo paarde Redgrave mysterie, engelachtigheid en klasse aan een androgyne uitstraling en dito stem, maar anders dan bij Garbo is Redgrave’s beeld nu toch al wazig aan het worden. Al is haar roem ook nog verrassend groot als je bedenkt dat Vanessa Redgrave vooral bijrollen heeft gespeeld in niet altijd even opzienbarende films. Haar faam is mede te danken aan haar activiteiten buiten die films. Als Trotskist zonder spijt staat Vanessa Redgrave binnen en buiten haar films voor het idealisme van de jaren zestig en zeventig: romantisch, rumoerig, normatief.
Het beroemdst is deze telg uit een vooraanstaande acteursfamilie niet door een goed gelukte rol maar door haar optreden tijdens de Oscar-uitreiking in 1978. De communistische Redgrave, decennia lang lid van de WRP (Workers Revolutionary Party) en later, in de jaren 90, een van de oprichters van de Britse Marxistische Partij, had een jaar eerder het commentaar ingesproken onder een kritische documentaire over het treurige lot van de Palestijnen. De Oscar (haar enige Oscar, al werd ze verschillende keren genomineerd) kreeg ze voor haar bijrol in de film Julia waarin ze de joodse communiste Julia speelt die in de jaren 30 in verzet komt tegen de nazi’s. Tijdens de uitreiking werd buiten het theater geprotesteerd door de Jewish Defense League die de actrice haar sympathiebetuiging aan de PLO verweet. Redgrave fulmineerde in haar dankwoord op haar beurt tegen totalitaire regimes in het algemeen en tegen het clubje zionisten daarbuiten in het bijzonder. Een deel van het publiek klapte, een deel joelde, en even later reageerde scenarioschrijver Paddy Chayevski met de opmerking dat Redgrave zich niet belangrijker moest maken dan ze was, dat ze gewoon een prijs kreeg voor een rol, dat ‘dank je wel’ genoeg was geweest.

Galasocialisme
Redgrave rebelleerde op de manier waar Hollywood het patent op heeft (galasocialisme) maar hoe gelijk ze misschien ook had, de irritatie van Chayevski was ook te begrijpen. De actrice riep met haar verheven verschijning (brede, vluchtige glimlach, diepe stem, opengesperde ogen) wel vaker enige ergernis op. Sommigen beschuldigden haar van ‘over-acting’, anderen bewonderden juist haar imponerende aanwezigheid op het witte doek. Jane Fonda die in Julia de beste vriendin, schrijfster Lillian Hellman speelt, schrijft in haar recente autobiografie aanbiddend: ‘[Vanessa] geeft me het gevoel alsof ze in een andere wereld vol mysteries woont die al onze andere stervelingen ontgaat. Haar stem lijkt afkomstig uit een diepe plek die alle pijn en alle geheimen kent.’
Het is een intensiteit waarbij Redgrave’s politieke persona buiten de films vast ook meespeelde, want in ‘recentere’ films is er toch iets van weggevallen. Het chique is gebleven, het rebelse is vervaagd. Tegelijk geeft dat ook ruimte voor relativering. In haar latere grote rollen is Redgrave niet meer de dappere idealist van vroeger maar eerder de wat wereldvreemde vrouw, over wie je niet zeker bent of ze nu helemaal verwilderd is of zich alleen maar zo voordoet. Soms blijf je tegen die wazigheid aanhikken, zoals tegen haar rondzwevende, glimlachende Clarissa Dalloway in Marleen Gorris’ verfilming van Mrs. Dalloway. In andere films werkt de formule perfect. De rol van Mrs. Wilcox in Howards End bijvoorbeeld, de zieke rijke dame die haar erfenis doorschuift naar een pas verworven, nieuwe vriendin is op Redgrave’s lijf en ziel geschreven: dromerige verschijning, vage theorieën, maar ondertussen scherp waarnemend en doortastend handelend. En anno 2006 is er in Vanessa Redgrave’s optredens zelfs ruimte voor een cynisch soort van zelfspot . In een van haar meest recente rollen in de tv-serie ‘Nip/Tuck’ speelt Redgrave een gepromoveerde psychologe, een academisch feministe die nooit een goed woord over heeft voor haar te traditioneel opererende dochter. Deze Dr. Erika Noughton is een heel akelige vrouw die te goed weet hoe alles hoort en moet, en in eigen leven die normen voortdurend met voeten treedt. Zoals dat kan gaan met overfanatieke idealisten.

Jann Ruyters

Geschreven door