Juli/augustus 2005, nr 268

Millions

De euro doet wonderen

Danny Boyle, het brein achter grimmige kost als Shallow grave, Trainspotting en 28 days, heeft een heuse familiefilm gemaakt. Het grote wonder: het ambiteuze sprookje Millions loopt nergens uit de rails.

Oké. Wonderen bestaan, sprookjes berusten op waarheid en, vooruit dan, er is misschien wel meer tussen hemel en aarde. Maar zelfs als je dat allemaal accepteert vragen Danny Boyle en scenarist Frank Cottrell Boyce (24 hour party people, Code 46) het uiterste van des kijkers goedgelovigheid.
Want zeg nou eerlijk: hoe groot is de kans dat de Britten daadwerkelijk hun geliefde Pond Sterling opzij schuiven om de euro in te voeren? Hoe onwaarschijnlijk ook, in de moderne fabel Millions sluiten de uitvinders van het begrip 'euroscepsis' zich aan bij de Europese muntunie. Oude ponden zullen daardoor in één klap waardeloos worden. Dus ook de met bankbiljetten volgepropte zak die het zevenjarige jongetje Damian op zijn dak krijgt gegooid als hij aan het spelen is bij de spoorweg. Spelen is niet helemaal het juiste woord: op het moment dat een bankrover zijn vrachtje uit een rijdende trein gooit zit het zonderlinge jongetje in een uit dozen opgetrokken hut een gesprek te voeren met een heilige, compleet met aureool.
Na de voortijdige dood van zijn moeder is Damian geobsedeerd door katholieke sinten en hun nobele werken. Terwijl zijn materialistische oudere broer op manieren zint om het gevonden geld zo goed mogelijk te laten renderen, wil Damian in zijn goedertierenheid het kapitaaltje liefst eerlijk verdelen onder de armen.

Bravoure
In een film die als een kameleon wisselt in zijn visuele stijl, maar consequent blijft in zijn toon van kinderlijke verwondering, onderzoeken Boyle en Boyce de verschillende manieren om de bezitlozen te helpen. Zo neemt Damian een groep zwervers op sleeptouw, die zich op zijn kosten rond mogen eten bij de Pizza Hut. Grappig is ook zijn stevige donatie aan een groepje in zijn nieuwbouwwijk wonende mormonen. Prompt bouwen de antimaterialistische gelovigen hun woning vol met elektronica en huishoudelijke snufjes.
Iets minder geslaagd is het te lang uitgesponnen kat-en-muisspel tussen de naïeve jongetjes en de bankrovers die hun zak geld terug willen hebben. Maar zelfs al stokt de vertelling op dit soort momenten enigszins, de parabel over de corrumperende macht van geld raakt nergens het spoor bijster, en ook de satirische schimpscheuten naar de moderne consumptiemaatschappij raken volop hun doel. Het intelligente, steeds weer nieuwe zijwegen bewandelende script van Boyce is door Boyle fantasierijk verfilmd, waarbij hij flitsende hoogstandjes niet uit de weg gaat. Zo zien we in de virtuoze openingsscène hoe het nieuwe huis van de jongetjes van een Dogville-achtige krijtstreepplattegrond transformeert naar een echt huis, in een gelikte computeranimatie. Boyle's bravoure doet zich eveneens gelden in de als een dynamische videoclip gefilmde reconstructie van de bank/treinroof. Maar de regisseur blijft gelukkig niet hangen bij de mooi vormgegeven buitenkant. In Alexander Nathan Etel heeft hij een innemende jeugdige hoofdrolspeler gevonden, die de film met zijn open blik en onbedorven commentaren voorziet van een hart en een ziel.

Fritz de Jong

Engeland/Verenigde Staten, 2004
Productie: Graham Broadbent, Andrew Hauptman, Damian Jones
Regie: Danny Boyle
Scenario: Frank Cotrell Boyce
Camera: Anthony Dod Mantle
Montage: Chris Gill
Art direction: Dennis Schnegg
Muziek: John Murphy
Met: Alexander Nathan Etel, Lewis Owen McGibbon, James Nesbitt, Daisy Donovan
Kleur, 98 minuten
Distributie: A-Film
Te zien: vanaf 7 juli

Naar boven