Die göttliche Ordnung

Toxic masculinity en andere emancipatiezaken

  • Datum 16-08-2017
  • Auteur
  • Gerelateerde Films Die göttliche Ordnung
  • Regie
    Petra Volpe
    Te zien vanaf
    01-01-2017
    Land
    Zwitserland
  • Deel dit artikel

Zwitserse petite histoire over grote thema’s: hoe vrouwenkiesrecht pas in 1971 op de agenda kwam.

Pas vanaf 1991 (laat dat jaartal even bezinken) mochten in heel Zwitserland vrouwen stemmen, toen het kanton Appenzell Innerrhoden als laatste instemde met vrouwelijk kiesrecht. Het landelijke referendum hierover werd echter al in 1971 (nou ja, al…) gehouden. In Die göttliche Ordnung zien we de aanloop hiernaartoe, verbeeld via de gebeurtenissen in een klein plattelandsdorpje. Hier woont Nora (Marie Leuenberger), samen met haar man (Maximilian Simonischek) en twee kinderen. Terwijl elders in de westerse wereld alles in de jaren zeventig in beweging was, lijkt de tijd te hebben stilgestaan in dit zeer conservatief-traditionele huishouden: de sacherijnig morrende pater familias wordt op zijn wenken bediend, de rebelse tienerdochter wordt wegens een iets uit de hand gelopen liefde voor een ruige jongeman opgesloten in een internaat en Nora mag geen baantje nemen zonder dat haar man daarvoor tekent. "Dat is de wet", zegt hij. Dat is de druppel, vindt Nora. Heimelijk begint ze een campagne voor vrouwenstemrecht.
De uitkomst mag dan bekend zijn, Die göttliche Ordnung is niet zonder onverwachte plotwendingen. Zo is er een grote, door vrouwen geleide beweging die tegen het vrouwenstemrecht ageert. Dit kamp is wat karikaturaal neergezet, maar maakt daardoor niet minder razend. Het citaat waarop de titel geïnspireerd is — dat vrouwenstemrecht tegen de goddelijke orde in zou gaan — komt dan ook uit bestaande propaganda.
De boodschap zal weinigen ontgaan, maar de diepere laag van de film zit in wat hij over mannen zegt. Is het verwende kinderachtigheid? Of wat we tegenwoordig toxic masculinity noemen: een begrip dat ‘typisch’ mannelijke kenmerken als dominantie en (seksuele) agressiviteit aanduidt als niet alleen problematisch voor de omgeving maar potentieel ook voor de man zelf? De film hint naar het laatste, in een korte epiloog over de zwager die doodongelukkig is als boer en uiteindelijk voor een ander leven kiest.
Waar Die göttliche Ordnung sterk is in de details — een vrouwenhoofd gevangen aan een waslijn vol sokken, jongetjes dwingen de tafel af te ruimen als daad van emancipatie — gaat de film gebukt onder de zwaar overdreven muziekkeuze. De humor die wel degelijk in het verhaal zit, raakt daardoor ondergesneeuwd. Die muziek was niet nodig in een film die al zoveel drama te bieden heeft.

Sacha Gertsik