Berberian Sound Studio

Grandioze geluidskunst

  • Datum 28-03-2013
  • Auteur
  • Gerelateerde Films Berberian Sound Studio
  • Regie
    Peter Strickland
    Te zien vanaf
    01-01-2012
    Land
    Groot-Brittannië
  • Deel dit artikel

Peter Strickland maakte met Berberian Sound Studio een duistere en meditatieve vertelling over een geluidskunstenaar die in 1976 aan een Italiaanse horrorfilm werkt, zonder die bloederige beelden te laten zien: een meesterzet.

Door Mike Lebbing

Gilderoy (Toby Jones) is een muizig moederskindje en een stijve, introverte Brit, maar ook een grandioze geluidskunstenaar. Hij wordt door producent Francesco en regisseur Santini gevraagd de geluidseffecten en nasynchronisatie te verzorgen voor Il vortice equestre/The Equestrian Vortex, een gruwelijke Italiaanse horrorfilm over heksenvervolging. Langzaam raakt de schuchtere Gilderoy, die in de studio een slaapkamer heeft betrokken, geestelijk uit balans door de sinistere sfeer tijdens zijn werk, de voortdurende intimidaties van zijn medewerkers en uiteindelijk de film zelf.
Zo bedrieglijk eenvoudig als deze synopsis doet vermoeden is Berberian Sound Studio allerminst. Allereerst is er het duidelijke kader van de Italiaanse genrefilm. Regisseur/muzikant Peter Strickland situeert zijn verhaal nadrukkelijk in 1976, toen Dario Argento zijn magnum opus Suspiria aan het filmen was en de mogelijkheden van geluid en beeld in de cinema verkende op een manier die niet eerder was vertoond. Niet alleen Argento’s film over occulte zaken op een dansacademie is een directe invloed, met de rol van de dubieuze Santini wordt ook aan de exploitatiefilms van Renato Polselli gerefereerd. Deze regisseur maakte in de jaren zeventig een reeks serieus bedoelde, maar ook krankzinnige en gewelddadige films over heksenvervolging en satanisme zoals Riti, magie nere e segrete orgi nel trecento en La veritá secondo Satana, volgens zijn zeggen striemende aanklachten tegen de uitwassen van het katholicisme.

Ravenzwart
Dat idee gebruikt Strickland om Gilderoy (fantastisch neergezet door Jones) als een hulpeloos slachtoffer door een wrede wereld te loodsen. Zijn meesterzet daarbij is om de beelden van Il vortice equestre niet te tonen, maar wel te laten zien welke uitwerking de bloedbaden van de film op Gilderoy hebben. Net als in Argento’s oeuvre, waar steevast een buitenlander wordt opgevoerd die zich mede dankzij de taalbarrière geen raad weet in Italië, is Gilderoy ‘a stranger in a strange land’, een man zonder houvast die zijn verstand dreigt te verliezen. Hij lijkt te verdwalen in de melancholieke klanken die hij produceert; de intuïtieve manier van filmmaken die de Italianen om hem heen propageren is hem volledig vreemd.
Strickland laat het ontbindende denkraam van Gilderoy samenvallen met prachtige, associatieve beeldenreeksen, die soms een hypnotiserende kwaliteit verkrijgen. Zoals wanneer de Brit mijmert bij een oude foto, een spin oppakt en loslaat in de studio, waar een orgel weemoedige muziek produceert — het zijn momenten zonder schijnbare samenhang, voortkomend uit het onderbewuste. In de laatste akte gaat Strickland zelfs nog verder en wordt de sfeer uitgesproken experimenteel. Waarom is de vriendelijke Gilderoy door die schimmige Italianen betrokken bij zo’n misantropische productie? Waarom krijgt hij nachtelijk bezoek van die actrice met het ravenzwarte haar? En waarom laat hij zich voortdurend vernederen? De grens tussen leven en kunst vervaagt en de twee vallen samen. En zo eindigt Strickland met een slotakkoord waarmee hij laat zien de essentie van de Italiaanse genrecinema — de omhelzing van het verbodene — te hebben gevangen.
Berberian Sound Studio biedt geen antwoorden, is een meditatieve film over de oerkrachten van de cinema, maar ook over veel meer. Een film van een donkere, onverklaarbare schoonheid.

Wat te luisteren na Berberian Sound Studio
Vijfhonderd vertrapte kattenstaarten

Berberian Sound Studio is een bespiegeling over de functie van geluid in de cinema. Het is niet toevallig dat regisseur Peter Strickland als kader een fictieve Italiaanse genrefilm gebruikt om zijn verhaal te vertellen. Lange tijd werden vrijwel alle Italiaanse films opgenomen zonder direct geluid. Dialogen, natuurlijke geluiden en geluidseffecten werden later in de studio respectievelijk nagesynchroniseerd en toegevoegd, een handelswijze die veel vrijheid en snelheid van opnemen op de set opleverde, vooral op locatie. Deze in de Italiaanse cinema gebruikelijke manier van werken kwam buitenlandse acteurs bizar voor. Vooral toen aan het einde van de jaren zestig steeds meer Amerikaanse sterren goed geld kwamen verdienen in de toen nog florerende Italiaanse filmindustrie zorgde dat voor veel opgetrokken wenkbrauwen. Hollywoodgrootheden als Martin Balsam, Farley Granger en Anthony Quinn konden zich tijdens locatieopnamen moeilijk in hun rollen inleven terwijl links een paar crewleden met elkaar stonden te kletsen, rechts in de catering met pannen werd gesmeten en op de achtergrond het lawaai van rondrijdend verkeer weerklonk.
Toch had die voor buitenlanders eigenaardige werkwijze grote voordelen voor de creatieve geesten in de studio, zoals in Berberian Sound Studio wordt geïllustreerd. Regisseurs die zich specialiseerden in horror, spaghettiwestern en giallo (de typisch Italiaanse variant op de thriller) legden nadruk op de visuele aspecten, met vaak lange, surrealistisch ogende passages, waarin met louter beelden een verhaal werd verteld. Door daar lagen indringende muziek en vervreemdende geluidseffecten in te monteren werd een geheel eigen manier van filmmaken ontwikkeld, waarbij het ritme van de scènes vaak werd gebaseerd op de cadans van het geluid.

Boemerang
Pionier Mario Bava zette de standaard met Sei donne per l’assassino/Blood and Black Lace (1964), een in laaiende kleuren gefilmde giallo waarin de plot van secundair belang is en de nadruk ligt op dreigende muziek en als opera’s geënsceneerde moordpartijen. Maar de eerste regisseur die werkelijk nieuwe gebieden verkende was Cesare Canevari. In de western Matalo! (1970) laat hij een groep hippiecowboys in een spookstadje neerstrijken. Dialogen zijn nauwelijks voorhanden, de geluidsband is vol geplamuurd met klagende stemmen en psychedelische rocknummers, terwijl cameraman Julio Ortas de vreemdste toeren uithaalt — zo volgt zijn camera zelfs de dodelijke boemerangs van hoofdrolspeler Lou Castel wanneer die door de straten van het stadje op weg naar hun slachtoffer vliegen.
De ultieme Italiaanse genrefilm waarin beeld en geluid volledig samensmelten is natuurlijk Dario Argento’s Suspiria, waarover u meer kunt lezen in de rubriek Thuiskijken. Een frontale aanval op de zintuigen, waarover een Engelse criticus destijds een memorabele mening had: ‘the fiendish electronic-rock score sounds as if 500 cats are having their tails tramped on in unison’. Wie zich wil verdiepen in de wondere wereld van audiokunst in de Italiaanse genrecinema kan hier niet om heen.

Berberian Studio Sounds

In onderstaande Spotify-playlist vind u een door Mike Lebbing samengestelde greep uit de hoogtepunten van de Italiaanse muzietraditie, gecombineerd met een selectie van de Berberian Sound Studio-soundtrack. Hoort u het verschil?

Goblin — Suspiria
Deze speeldoosmelodie verpakt in een beukend progrocknummer is waarschijnlijk het bekendste werk van Dario Argento’s huisband en werd daarna in het genre vaak gekopieerd, maar zelden geëvenaard.

Broadcast — The Equestrian Vortex
Duidelijke knipoog naar Goblin in een nummer dat de retro-titelsequentie van de film-in-de-film in Berberian Sound Studio begeleidt. Inclusief aangenaam ouderwets ‘pannen’ van de linker- naar de rechterbox en vice versa.

Goblin — Opening to the Sighs
Opmaat voor het meest gebruikte nummer in Suspiria.

Goblin — Sighs
De heks in Suspiria heet Mater Suspiriorum (De Moeder der Zuchten) en krijgt met dit psychedelische opus een passend eerbetoon.

Broadcast — Collatina is coming
In de traditie van Bruno Nicolai, die zich na zijn werk als dirigent voor Ennio Morricone specialiseerde in giallosoundtracks. De tientallen platen die hij maakte vinden nog steeds gretig aftrek bij verzamelaars, en nog steeds worden verloren gewaande parels herontdekt en uitgebracht.

Ennio Morricone — Piume di cristallo
De blauwdruk voor talloze vakbroeders in het horror- en thrillergenre: een liefelijke melodie en een woordeloze vrouwenzang maken duidelijk dat hier zaken plaatsvinden die het daglicht niet kunnen verdragen.

Goblin — Profondo Rosso
De single van dit nummer werd een onverwachte hit in Nederland in 1976 (uitgebracht als Bloedlink) en werd vaak als jingle voor radiouitzendingen gebruikt. Waarschijnlijk het bekendste giallothema ooit gemaakt.

Broadcast — Beautiful Hair
De mooiste scène in Berberian Sound Studio krijgt een fikse injectie van weemoed door dit slepende nummer waarin hoofdrolspeler Toby Jones over zijn onschuldige jeugd lijkt te mijmeren.

Goblin — Markos
Héél erg 1977, toen progrockformaties als Emerson, Lake & Palmer en Yes de grootste stadions uitverkochten. Desalniettemin heerlijk desoriënterend.

Broadcast — Teresa, Lark of Ascension
Dromerig nummer lijkt haaks te staan op de gruwelijke taferelen die in The Equestrian Vortex plaatsvinden, een werkwijze die zoals in vele Italiaanse genrefilms voor een vervreemdend effect zorgt.

Goblin — Witch
De dubbele moord in het eerste kwartier van Suspiria hakt er dankzij deze muzikale afdaling in de hel nog steeds ongenadig in.

Broadcast — Our darkest Sabbath
Eindtitels van Berberian Sound Studio.Wanneer de kunst het leven verzwelgt.

ML