Rester vertical
Raw
Get Out
Quality Time
The Other Side of Hope
Hard werken aan spontaniteit

ZUSJE

Nederland, 1995 | Robert Jan Westdijk
ZUSJE bleek in september jongstleden dé verrassing van het Nederlands Filmfestival, waar de debuutfilm van Robert Jan Westdijk (31) er met een Gouden Kalf voor beste film vandoor ging. Inmiddels is de hype enigszins overgewaaid. Half januari beleeft de film zijn bioscooppremière. Tijd voor een interview met de regisseur, die zich teveel solist voelt om de nieuwe generatie filmmakers te vertegenwoordigen. "Ik heb geen moment bedoeld om iemand de wacht aan te zeggen."

Het woord 'hype', een woord dat veelvuldig werd gebruikt in relatie met ZUSJE, suggereert veel geschreeuw en weinig wol. Vaak is het een verwijzing naar een produkt dat met veel tam tam wordt gepresenteerd om te verhullen dat het niet zoveel voorstelt. Zoiets als Paul Verhoevens Showgirls, die na alle publiciteit uiteindelijk weinig om het lijf blijkt te hebben. Toen de Nederlandse filmwereld in Utrecht de tot dan toe onbekende film ZUSJE in haar armen sloot, vanwege de frisheid van de film en de acteerprestaties van hoofdrolspeelster Kim van Kooten, was er ook sprake van een hype. Maar aan deze hype ging drie jaar lang scenarioschrijven, fondsenwerving en casting vooraf. Robert Jan Westdijk heeft samen met zijn zijn co-scenarist Jos Driessen en co-producente Clea de Koning net zo lang aan het scenario gesleuteld tot het zo geloofwaardig mogelijk was.
Het ongepolijste natuurtalent van debutante Van Kooten deed de rest. Soms moet je hard werken voor een hype. Niet dat Westdijk het enorme succes in Utrecht had verwacht. "Wij waren allang blij dat we de financiering twee jaar geleden rond hebben gekregen, want dat was nu, met de zeker onmogelijk geweest. Ik had de verwachting dat mensen ZUSJE wel leuk zouden vinden, in de trant van 'aardig debuut, we zijn benieuwd wat ze met hun volgende film doen'. Ik was er helemaal niet op voorbereid dat er een hele lawine zou losbarsten. Het is toch niet te geloven dat zoiets kan in Nederland?"

Zakeninstinct
ZUSJE is tot stand gekomen zonder subsidie. Via sponsoring en een commanditair vennootschap, waarvan Westdijk beherend vennoot is, hebben zo'n vijftig bedrijven en particulieren de film gesteund. De 25 man tellende filmploeg werkte voor een percentage dat de film eventueel zou opbrengen. De kans dat ze daadwerkelijk betaald zullen worden, is aanzienlijk toegenomen, nu Westdijk en producente Clea de Koning koelbloedig hebben onderhandeld met binnen- en buitenlandse distributeurs. Met zijn diploma van de Filmacademie op zak heeft Westdijk zes jaar lang bedrijfsvideo's gemaakt om tijd te 'kopen'. "Ik heb een soort geestelijke onafhankelijkheid overgehouden aan die periode. Als ik zo'n filmpje had gemaakt, kon ik weer een paar maanden schrijven. Mijn vader vond het altijd een beetje raar dat ik voor de Filmacademie had gekozen, maar toen ik die bedrijfsvideo's ging doen was hij wel opgelucht dat ik nog enig zakeninstinct bezat. Eigenlijk is dat hetzelfde gevoel van onafhankelijkheid dat die Amerikaanse independents ook hebben. Ze wijken heel bewust van de mainstream af, maar ze gaan wel met hun films de markt op. Waarom zou je dat niet in Nederland kunnen doen?"
Westdijk had jarenlang gepiekerd over een speelfilm die hij losjes op zijn zus wilde baseren. Doordat hij na de Filmacademie overal een camcorder meesleepte, suggereerde zijn zus dat hij maar een film over haar moest maken. Uiteindelijk zijn er slechts oppervlakkige overeenkomsten met zijn eigen zus overgebleven, zoals leeftijd, manier van praten en opleiding. ZUSJE bestaat uit home movie-opnamen van de cynische Martijn, die zijn obsessie voor zus Daantje uitleeft via de camera. De kijker is afhankelijk van de beeldkeuze van Martijn, totdat de camera letterlijk uit zijn handen wordt gegrist en de macht van het beeld ter discussie wordt gesteld. Opvallend is vooral de candid camera-achtige frisheid van de jonge acteurs, die nog niet volledig door de mangel van het televisie- of theateracteren zijn geperst.

Geen wit brood
Toch werd er niet geïmproviseerd op de set, zoals het losse acteerwerk suggereert. Westdijk en Driessen hadden jarenlang aan het scenario gesleuteld. "Er zat zo'n lange tijd tussen het eerste idee en het moment van durven te schrijven, dat die personages dag en nacht in mijn hoofd gingen zitten. Dat is niet altijd even leuk. Het werd heel extreem, tot op het punt dat ik bijvoorbeeld ineens zeker wist dat Daantje geen wit brood eet." Samen gingen ze op zoek naar de grenzen van de personages, maar uitersten werden opgeofferd voor nuances. Het uiteindelijke doel was geloofwaardigheid. "Op een gegeven moment moest de kogel door de kerk en besloten we een versie te schrijven waarin hij echt hele enge dingen deed, dingen waarvan ik nooit zou willen dat ze mijn zusje zouden overkomen. Toch konden Jos en ik dat niet, omdat we allebei zussen hebben. Dus van die extreme richting zijn we afgestapt. Omdat de personages zo tot leven komen spring je toch voorzichtig met ze om. Je wilt er geen goedkope eikels en sloeries van maken."
Het langdurige geschuif en geschaaf heeft het scenario uiteindelijk goed gedaan. Westdijks neiging tot analysering en structurering heeft geleid tot een film waarin de spanning stapje voor stapje wordt opgebouwd. Nieuwsgierigheid naar die opdringerige Martijn gaat aanvankelijk over in irritatie, maar eindigt uiteindelijk in angst wanneer zijn gemanipuleer een enorme agressie tussen de personages heeft bewerkstelligd. Ook de seksuele suspense, die ontstaat door de liefkozingen van Martijns camera zodra Daantje in beeld komt, schroeft de spanning flink op. Maar in tegenstelling tot veel andere Nederlandse filmmakers, kauwt Westdijk de kijker niets voor. De opgeroepen verwachtingen worden niet — of op een onverwachte manier — ingelost. "Oorspronkelijk wilden we Martijn helemaal op de achtergrond houden, maar we merkten dat de kijker toch nieuwsgierig naar hem wordt en hem vaker wil zien. Dat is de redding van de film geworden, dat heeft de geloofwaardigheid gecreëerd. De camera zelf is ook een personage. Het begint weliswaar met zijn obsessie, maar omdat hij zo vervelend doet, gaan de anderen hem terugpakken met diezelfde camera. Dat sloop er in, omdat je toch zoveel mogelijk verschillende kanten wil laten zien."

Gêne
Er is nog een verklaring voor het feit dat de film zo goed tot leven komt. De begluurde Daantje blijkt niet zomaar een willoos slachtoffer te zijn. Kim van Kooten geeft haar een zekere koketterigheid, maar achter haar reeënogen fonkelt onverhoeds een indrukwekkend scala aan emoties en gemoedstoestanden. In de scenariofase is zo'n personage niet moeilijk om te scheppen, maar een pittige Bambi van echt vlees en bloed bleek veel moeilijker om te vinden. Westdijk had Kim van Kooten twee jaar geleden zien rondlopen tijdens de Nederlandse Filmdagen, maar haakte aanvankelijk af toen hij hoorde dat ze de scenario-richting van de Filmacademie volgde en geen actrice was. "Na 140 tevergeefse audities dachten we dat we waarschijnlijk nooit een Daantje zouden kunnen vinden. Als je een personage baseert op iemand uit je omgeving, dan wordt het heel moeilijk om hem op het grote doek te krijgen. Daarom was het zo moeilijk om een actrice te vinden die daar allemaal aan voldeed. Voor de geloofwaardigheid wilden we per se iemand van twintig hebben. Ik had al wel eens een meisje op straat aangesproken, die toevallig twintig was én de mode-opleiding aan de Rietveldacademie deed, maar die kon helaas niet acteren. Toen heb ik Kim nog een keer voor een screentest gevraagd. Ik vond haar onmiddelijk heel naturel, maar ze hield het puur uit zenuwen te ingetogen. Toch hadden we al zoveel ervaring met casten dat we het nog een keer met haar wilden proberen. Ik ben met haar door het Vondelpark gaan rennen, terwijl we tegen elkaar de teksten riepen zodat ze haar gêne kon overwinnen."

Bioscoopflair
Ondanks de niet-alledaagse gebeurtenissen, is ZUSJE geen cult-, horror- of anderszins grensverleggende film. Daarvoor is Westdijk te dicht bij huis gebleven, wat overigens precies zijn bedoeling was. "Laten we eerlijk zijn: het is een simpele, kleine film. Ik wilde echt iets uit mijn eigen leven verfilmen, maar dan wel in de vorm van een speelfilm. Technisch gezien kun je films maken over dingen waarin je lol en herkenbaarheid vindt. ZUSJE is lief. Martijn is een vervelende jongen, maar Daantje en hij zijn er niet op uit om elkaar te vernietigen. Ik wilde een lichte toon aanslaan, zoals bijvoorbeeld Spike Lee dat deed in She's gotta have it. Maar het moet wel serieus blijven. Ik heb een ontzettende hekel aan films die met een vette knipoog ironiseren of waarin acteurs worden gebruikt als zetstukken. Je moet je personages respecteren want ze moeten uiteindelijk tot leven komen."
Hoewel ZUSJE een low budget film is — de begroting wordt geschat op 100.000 gulden — valt hij niet binnen de categorie minimal movies van Pim de la Parra. Daarvoor heeft de film teveel bioscoopflair. De producenten en crewleden hebben weliswaar ieder dubbeltje omgedraaid, maar het is niet aan de film af te zien. Met subsidies én de bijbehorende experts die hun vakkundig licht over de produktie van films mogen laten schijnen, was Westdijk in het geval van ZUSJE niet beter uit geweest. Uiteindelijk staat de geestelijke onafhankelijkheid voorop. Toch wil hij zijn volgende film op professioneel 35 mm draaien en de medewerkers behoorlijk kunnen betalen. "Ik heb de inbreng van diverse filmfondsen zeker niet gemist. Iemand zei laatst tegen me dat we voor ZUSJE vast subsidie hadden gekregen, omdat het een echte filmers-film is. Maar daar gaat het helemaal niet om. Juist van de totale vrijheid waarin de film is gemaakt, hebben we geleerd. Je leert filmen door het te doen. Ik zal mijn volgende film niet meer op dezelfde manier kunnen financieren. Pim de la Parra werkt met wisselende groepen mensen, maar ik wil dat mijn ploeg geld verdient met hun werk."
Een belangrijke factor in de hype van Utrecht is de hongerigheid waarmee de Nederlandse filmwereld getalenteerde nieuwkomers als Westdijk verwelkomt. Hans Beerekamp schreef jubelend in NRC Handelsblad: "ZUSJE is een symptoom van het ontstaan van een nieuwe generatie die met brutaliteit en flair de vermolde oude structuur de wacht aanzegt." Westdijk is echter teveel een solist om zich onderdeel van een nieuwe generatie te voelen, als die al zou bestaan. "Ik heb geen moment bedoeld om iemand de wacht aan te zeggen, want daar houd ik me helemaal niet mee bezig. Wat mij interesseert is om te proberen de film die in mijn hoofd zit, op het doek te krijgen. Bij het idee van ZUSJE lag het helemaal niet zo voor de hand dat mensen het leuk zouden vinden. Voor hetzelfde geld vinden ze het te pretentieus. We hebben er serieus aan gewerkt om onze ideëen over te brengen. Je moet niet heel arrogant gaan roepen dat het publiek je niets interesseert."

Thessa Mooij



top
ZUSJE

Januari 1996 #163

Produktie
Clea de Koning
Robert Jan Westdijk
Regie
Robert Jan Westdijk
Scenario
Robert Jan Westdijk
Jos Driessen
Camera
Bert Pot
Geluid
Mark Wessner
SoundPalette
Montage
Herman P. Koerts
Met
Kim van Kooten
Roeland Fernhout
Ganna Veenhuysen
Maarten Zomer

Kleur, 91 minuten

Distributie
Meteor Film
Te zien
vanaf 11 januari