Blade Runner 2049
The Square
Un beau soleil intérieur
The Glass Castle
Kleine ijstijd
In the Shadow of the Blue Rascal Cinema, kraakpand De Slang, Amsterdam 2012 Jeffrey Babcock over alternatieve filmcultuur

De geest van de jaren zeventig

Jeffrey Babcocks filmvertoningen in Amster­damse kraakpanden bieden een radicaal alter­natief voor de extravaganties van Holly­wood en het brede aanbod in de film­theaters. Met zijn expliciete afwijzing van de commer­ciële filmcultuur vecht hij voor een andere visie op de culturele rol van cinema.

Door Nicola Romagnoli

Al ruim een decennium organiseert Jeffrey Babcock filmvertoningen op diverse underground-locaties in Amsterdam, van een kerker onder de Torensluisbrug tot Filmhuis Cavia en van krakersbolwerk Joe's Garage tot rockpodium De Nieuwe Anita, gevestigd in een voormalig kraakpand en trouw aan die geschiedenis. De van origine Amerikaanse filmmaker emigreerde in de jaren tachtig naar Nederland. Met zijn 'nomadische cinema' wil hij de vergeten politieke en sociale mogelijkheden van de cinema nieuw leven inblazen, in de geest van de tegencultuur die hij ooit in de stad aantrof.
Babcock begon zijn filmavonden uit een groeiende onvrede met het filmaanbod in zijn stad, dat steeds meer in de greep van een commerciële logica kwam, zeker na het wegvallen van het Desmet Filmtheater in 2000. "Het voelde alsof we de cinema weer moesten verdedigen. De industrie is zo kleindenkend geworden in wat cinema kan zijn: linksom of rechtsom, het moet entertainment zijn. Aangezien de officiële vertoningsplekken ten onder gingen aan dat commerciële denken, ben ik begonnen alternatieve locaties op te starten, een heel ander netwerk."

Heel erg gratis
Doordat hij zijn filmavonden organiseert in het alternatieve circuit, kan Babcock de clandestiene vertoningen goedkoop houden. "Als mensen een film komen kijken waar ze vooraf helemaal niets van afweten, nemen ze een risico. Dus ik wil dat mijn vertoningen gratis zijn, of anders zo goedkoop mogelijk. Ik begon tien jaar geleden op de Leidsestraat met elke zondag een gratis avond: gratis films, gratis eten, een gratis winkel — heel erg gratis. Daardoor geef je mensen de mogelijkheid dat risico te nemen, dat is mijn strategie."
Het enige wat Babcocks programmering begrenst, is zijn eigen blikveld. "Elke film die ik vertoon, moet iets hebben dat hem uniek maakt, iets dat je niet eerder hebt gezien. Het maakt me niet uit of het een cultfilm is, een horrorfilm, met een groot of klein budget — als het maar geen formulewerk is." Dat betekent overigens niet dat Babcocks voorstellingen alleen gericht zijn op een groepje fanatici. "Ik wil vooral het idee tegenspreken dat Hollywood de enige manier is om jezelf  te vermaken. Er is zo veel meer: ook als je gewoon entertainment wil, kun je zonder blockbusters."

Ongemakkelijke stoelen
Van experimentele Tsjechische komedies tot psychedelische misdaadfilms: Babcocks programmering beslaat de volledige breedte van wat film vermag. "Elke film heeft zijn eigen wereld", vindt Babcock, "Dus laten we naar gekraakte ruimtes als Joe's Garage gaan, wat ongemakkelijke stoelen neerzetten en films draaien van Alain Tanner, een compleet vergeten Zwitserse regisseur uit de jaren zeventig, of de Japanse maker Terayama. Het soort films dat EYE zou moeten draaien, maar wat ze nooit zullen doen. Laten we ze dan in die kraakpanden draaien, de plekken waar het niet om geld draait, en daar onze cultuur omheen bouwen."
Babcocks pogingen de filmische tegencultuur in leven te houden vindt enthousiaste medestanders in de krakersbolwerken van de stad, die zelf evenzeer onder vuur liggen. De krakersscene van de jaren zeventig en tachtig bepaalde het gezicht van het Amsterdamse culturele aanbod, een invloed die voortduurt tot de dag van vandaag, stelt Babcock. "Het was een heel vrije en diverse stad. Er was ruimte voor kleine autonome gebieden. Zonder die krakersinvloeden zou de stad nu een stuk rechtser, conservatiever en strikter zijn."
Maar tegenwoordig lopen commerciële concertzalen als De Melkweg en Paradiso, die zijn ontstaan dankzij de inspanningen van de krakerswereld, liever niet meer te koop met dat verleden. Door de gemeenschappelijke en anti-commerciële ideologie van krakersbolwerken als Joe's Garage en Het Spinhuis te omarmen, plaatst Babcock zijn filmvertoningen in een groter sociaal-politiek kader. "De hele stad wordt gladgestreken, gecommercialiseerd, geprivatiseerd en vermerkt. Maar mijn cinema's komen voort uit de geest die in de jaren zeventig door de stad waarde. Die probeer ik in leven te houden."

Urgentie
Babcocks voorstellingen hebben een intense intimiteit en urgentie, die in commerciële theaters per definitie ontbreekt. "Daar wordt het publiek als vee naar binnen gestuwd", beklaagt Babcock zich. "Ze krijgen als eerste de reclames voorgeschoteld, en na de voorstelling worden ze zo snel mogelijk weer afgevoerd zodat de volgende meute naar binnen kan."
Babcock pakt het anders aan: hij begint zijn vertoningen met een monoloog, waarin hij het politieke, sociale, esthetische en historische belang van de film uiteenzet. Het opent de dialoog met het publiek, die na de film nadrukkelijk wordt voortgezet. "Ik wil dat mensen na afloop blijven praten, over de film en over de wereld. Dat is een belangrijk element van mijn cinema's." Juist de collectivistische sfeer in de krakersscene voedt deze discussies, en nodigt ertoe uit om nog urenlang te blijven praten. Of je er nu voor het eerst bent, of een vaste bezoeker: Babcocks schier eindeloze politieke en esthetische passie voor cinema werkt aanstekelijk, en wakkert een verlangen aan dat de politieke kaalslag en cinematografische leegte van de multiplexen ver achter zich laat.
Het succes van de vertoningen toont aan dat er een behoefte bestaat aan iets dat de conventies van de mainstream overstijgt. Babcock blijft vechten voor een alternatieve invulling voor wat film kijken en film vertonen kan betekenen. "Ik ben niet alleen geïnteresseerd in alternatieve films. Het moet samengaan met alternatieve bioscopen, en alternatieve distributie. Het moet in elkaar grijpen; het een bestaat niet zonder het ander."


top
Artikelen
Jeffrey Babcock on alternative film culture Reviving Amsterdam's Cinematic Counterculture
Jeffrey Babcock over alternatieve filmcultuur De geest van de jaren zeventig
Berlinale 2017 Modern Love
Movies That Matter Film Festival Humor als wapen
Zwarte films, witte blik Loving, Hidden Figures en A United Kingdom

Interviews
Fien Troch over Home 'Tiener zijn is de extremen opzoeken'
Jim Jarmusch over Gimme Danger 'Ik luister ook naar Justin Bieber en Selena Gomez'
Boudewijn Koole over Verdwijnen 'Ik wil ruimtes openen om in te verdwalen'
Tomasz Wasilewski over United States of Love 'Ik wil het de kijker niet makkelijk maken'

Rubrieken
Actie!
Kort
Redactioneel
Het Nieuwe Kijken Werkelijkheid haalt fictie in
Op ooghoogte: Parijs
Filmsterren
Thuiskijken
The Thinking Machine 5 Een helse rit


Recensies
After the Storm Verdwaald op 'memory lane'
Alberta Hiken met een Albert Heijntasje
American Honey Nieuwe nomaden
The Day Will Come Gemangelde weeskinderen
Gimme Danger — Long Live The Stooges Muzikale revolutie in 25 woorden
Harmonium (Kôji Fukada over) 'Ik kan ermee leven dat we allemaal alleen zijn'
Hidden Figures Tut-tut-tut
Home Een wapen en een monster
Life, Animated Amerikaans sprookje
Loving Fluisteren over het onrecht
Magallanes Dwaas afpersingsplan
Noces (Stephan Streker over) 'Gezichtsverlies is een obsessie'
Toen mijn vader een struik werd (setbezoek) 'Zo trap je geen deur in'
Train to Busan Natte droom van het flitskapitaal
A United Kingdom De prins op het zwarte paard
United States of Love Hunkering in Oostblok-grijs
Verdwijnen Moeders en dochters en eindeloze ijsvlaktes
Your Name. (HAFF) Geen Miyazaki, wel nummer één
Zaatari Djinn Dromerig vluchtelingenkamp
Zero Days (Alex Gibney over) Enen en nullen van de Apocalyps